Serge
Lebovici werd geboren in Frankrijk op 10 juni 1915 in een joodse
familie van Roemeense afkomst.
Zijn ouders waren immigranten, iets wat
hij nooit zal vergeten… Zijn vader, Solo Lebovici, was een geneesheer
dermatoloog en een zeer sterke en strenge persoonlijkheid. Hij was een
man van orde en plicht, en een belangrijk figuur in het leven van Serge.
Hij sprak over hem met trots en toch een zeker verzet. Serge was de oudste
van 3 kinderen, en voorbestemd om dokter te worden. Hij vangt zijn studies
aan in 1933 en slaagt het examen om toegelaten te worden tot de stages
in 1938. Daar wordt hij geconfronteerd met het antisemitisme. Tijdens de
oorlog wordt hij gevangen genomen in Neurenberg. Hij verklaart zich niet-jood,
en slaagt erin te ontsnappen. In 1942 wordt zijn vader door de Gestapo
gearresteerd en naar Duitsland gevoerd waar hij, zoals zo velen, in ‘Nacht
en Nevel’ verdwijnt. De oorlog, samen met het antisemitisme, drijven
hem naar het kamp van de communisten, waar hij als geëngageerd man
strijdt in de weerstand, voornamelijk door de verzorging van gekwetste
verzetstrijders. Ook na de oorlog blijft zijn engagement voor het communistische
gedachtegoed zijn richting bepalen. Vanuit zijn studie geneeskunde gaat
hij verder naar de kindergeneeskunde, en het is pas na de dood van zijn
vader dat hij definitief de richting van de psychiatrie durft in te slaan,
want zijn vader vond dat geen ernstige discipline… Hij wordt dus
kinderpsychiater. Ondertussen komt hij in contact met de psychoanalyse,
en begint een analyse bij de psychoanalyticus Nacht ( what’s
in a word?)
In deze communistische periode wordt hij gedwongen tot stellingname
tegen de psychoanalyse, die een ‘therapie van de bourgeoisie’ wordt
genoemd. Gekneld tussen zijn overtuiging in de kracht van de psychoanalyse
en zijn loyauteit ten overstaan van de communisten die hem tijdens de oorlog
geholpen hebben, kiest hij voor zijn loyauteit met het communisme. Later
zal hij deze episode bestempelen als ‘indoctrinatie’ en
keert hij zich af van het communisme. Deze strijd toont hem als man
die trouw
was aan het gegeven woord en trouw aan zijn engagement.
Zijn werk
Vanaf de jaren 1960 interesseert Serge Lebovici zich voor de hele kleintjes,
die nog geen taal hebben en die lijden via het lichaam en in hun ontwikkeling.
Hij richtte eerst Le Centre Alfred-Binet op (1961-1978) in het 13de
arrondissement in Parijs, een sociaal achtergestelde buurt, waar hij
gratis consultaties
organiseerde, en samen met René Diatkin en Marceline Gabel een
vroeg aanpak van de psychopathologie ontwikkelde.
Het is in het Universitair Centrum Paris XIII- Bobigny, waar hij in
1978 tot Professor werd benoemd, dat hij het Centrum voor Psychopathologie
voor
het kind en de adolescent oprichtte. Het is ook daar dat hij zijn psychoanalytische
aanpak van de baby met de ouders ontwikkelde. Zijn aanpak was in wezen
multidisciplinair. Zijn medewerkers kwamen uit alle disciplines, en
het is deze smeltkroes van invalshoeken en ideeën die hij zo bijzonder
vond en ook steeds verder bleef aanmoedigen. Serge Lebovici wilde alles
leren over het kleine kind, en elk discipline was doorvoor een mogelijke
bron. Daarbij was hij ook een man die zijn weten met zoveel mogelijk
mensen wilde delen, zowel artsen als verplegers, kinderverzorgsters
en alle professionelen
uit die sector.
De consultaties
Hij ontwikkelde een consultatietechniek die gericht was op zorgen en
preventie en had bijzondere aandacht voor verwaarlozing en mishandeling
van de allerkleinsten.
In deze consultaties betrok hij ook ander therapeuten en was hij innovator
van de consultaties die werden opgenomen op film, om aldus de therapeutische
setting via discussies en leermomenten achteraf te kunnen gebruiken,
teneinde meer te leren over de therapeutische effecten van bepaalde
interventies
en interpretaties. Hij wilde genezen, de verborgen fantasma’s vinden
die een scherm vormen en een barrière voor de verdere ontwikkeling
van het kind. Hij had een passie voor de therapeutische band, vanuit een
empatische identificatie, die hij installeerde van bij de aanvang, zowel
met de baby als met zijn ouders of verzorgers. Deze empathie benoemde hij
als ‘métaphorisante’ omdat ze in staat is iets bij
de ander in beweging te brengen, dat zal bijdragen tot een wijziging
van de
ander, tot een metamorfose.
Serge Lebovici durfde nieuwe ideeën te introduceren. Verder bouwend
op het gedachtegoed van Winnicot, vertrok hij van de tegenoverdracht om
creatief consultaties te voeren. Hij zet de ‘enactment’ binnen
een theoretisch kader. Dit houdt in, het in de consultatie brengen van
de eigen subjectiviteit van de therapeut. Deze wel doordachte en gereflecteerde
wijze van handelen, vond hij nodig om op een directe manier voeling te
krijgen met het onbewuste van de deelnemers aan de consultatie. Het betrof
een paar consultaties van anderhalf uur. Het waren dus kortlopende therapieën,
waarbij een wijziging van de verhoudingen tussen ouders en kind werd
beoogd. Dit kon hij bewerkstelligen door de onbewuste fantasmen van
de ouders te
achterhalen, alsook het onbewuste mandaat waarmee het kind door de
ouders wordt betekend. Zijn vrij directe vorm van spreken naar de ouders
toe had
tot doel het opwellen van onbewuste inhouden op korte tijd. Hij was
een uitzonderlijk therapeut en besefte wel dat zijn manier van therapie
voeren
niet voor een ieder was weggelegd. Daarom raadde hij zijn leerlingen
aan het langzamer aan te doen.
Serge Lebovici, de leraar
Serge Lebovici heeft zijn ideeën op schrift gesteld, maar hij was
in de eerste plaats een mentor, een leraar, een man die een passie had
om zijn wijze van werken door te geven, er over te reflecteren en te discussiëren
met zijn medewerkers die hij aanzette om hun eigen creativiteit te exploreren
en te volgen. Het doorgeven van zijn inzichten was voor hem zeer belangrijk
en in Bobigny heeft hij meerdere opleidingen opgericht, waarvan voor hem
de meest belangrijkste ‘la psychopathologie du bébé’ was,
gericht tot alle professionelen van de eerste kinderjaren.
Geboeid door de onbewuste intropsychische processen, interesseert hij zich
ook voor hen die de intersubjectiviteit onderzoeken. Overtuigd psychoanalyticus
wil hij de belendende velden ondervragen en verenigt mensen rond zich die
werken met toxicomanie, met migranten en hun kinderen. Terwijl hij in aanvang
aarzelend stond tegenover de etnopsychoanalyse stimuleerde hij Tobi Nathan
en Marie Rose Moro om daarin hun weg te zoeken.
Serge Lebovici als wereldburger
Zijn meevoelen met de ander beperkte zich niet tot zijn omgang met
baby’s
en hun ouders, maar betrof ook de kinderen die, overal ter wereld, getroffen
werden door oorlog of tekort. Hij werkte zijn ideeën rond het transgenerationeel
mandaat ook uit met betrekking tot kinderen die in traumatische levensomstandigheden
terecht kwamen. Zo was hij intens betrokken bij de oprichting van een centrum
in Sarajevo, waar men vooral kinderen met oorlogstrauma’s wilde
helpen.
Beknopte bibliografie
(volledige bibliografie: zie http://www.carnetpsy.com/LeBibliographe/Auteurs/Items/LeboviciSerge/ouvragesAuteur.htm )
Lebovici S., Stoléru S. Le nourrisson, la mère et le
psychanalyste. Les interactions précoces Paris, Le Centurion,
1983, 377 p.
Lebovici S., Soulé M. La connaissance de l'enfant par la psychanalyse
Paris, PUF, 1969, 645 p. 6e éd. 1995.
Lebovici S. L'expérience du psychanalyste chez l'enfant et l'adulte
devant le modèle de la névrose infantile et de transfert
(Rapport au 39 Congrès des psychanalystes de langues romanes,
Paris, 1979) Paris, PUF, 1979, 119 p. & Revue française
de psychanalyse, 1980, 44, n° 5-6.
Lebovici S. En l'homme, le bébé Paris, Eshel, 1992, 143
p.
Lebovici S., Castarède M. F. L'enfance retrouvée. Une
vie en psychanalyse Paris, Flammarion, 1992, 249 p.
Lebovici S. L'arbre de vie. Éléments de psychopathologie
du bébé Ramonville Saint-Agne, Érès, 1998,
326 p. Cf. Multimédia.
terug naar boven