filosofie

franseversie

 

1. Doel :
Het ‘Centrum Serge Lebovici’ wil bijdragen tot het bevorderen van de ontwikkelingskansen van baby’s en kleine kinderen. Daartoe wil het op vraag en/of bij crisissituaties, therapeutisch ingrijpen in het gezinssysteem, en dit vanuit een psychodynamische en multidisciplinaire invalshoek.
Centraal hierbij staan de begeleiding en de preventie, met daarnaast ook bijzondere aandacht voor verwaarlozing en mishandeling van de allerkleinsten.

2. Setting:
Het ‘Centrum Serge Lebovici’ wil dit verwezenlijken door het aanbieden van een setting waar observatie, evaluatie en behandeling van baby’s en kleine kinderen in relatie tot hun gezins- of verblijfssituatie centraal staat. Hierdoor wil ze bijdragen tot het voorkomen van latere problemen die mede hun oorsprong vinden in moeilijke kinderjaren.

3. Huidige maatschappelijke context:
We ondervinden vandaag een enorme druk om te komen tot vlugge en eenzijdige diagnoses, veelal op basis van te schaarse informatie, waarmee soms de toekomst van een jong kind gehypothekeerd wordt. De pogingen om aldus de uitgaven voor de gezondheidszorg te beperken, speelt hierbij een grote rol. Een bijkomende reden voor een vlugge diagnose is dat men in de medische wereld vaak geneigd is alleen de symptomen of de biologische gegevens in rekening te brengen, als het gaat over de problemen rond ontwikkeling en geestelijke gezondheid bij baby’s en kleine kinderen.

4. Onze visie hierop:
Rekening houdend met de specificiteit van deze leeftijdsgroep is een klassieke scheiding van de aspecten evaluatie en behandeling niet realiseerbaar, omdat de complexiteit en de snelle en continue evolutie de essentie uitmaken van de ontwikkeling van de baby en het kind onder de drie jaar. Daarom houdt een te vlugge diagnose het gevaar in van een onaangepaste interventie.
Negeert men de relatie van de baby of het jonge kind met zijn omgeving, de familiale patronen, en besteedt men onvoldoende aandacht aan de complexe interactieve dynamieken met de belangrijke bindingsfiguren bij het opmaken van de evaluatie, dan kan dat leiden tot gevaarlijk onvolledige diagnoses, die enkel gebaseerd zijn op een eenmalig gedrag of een enkel geïsoleerd symptoom. Deze diagnoses kunnen te vlugge of foutieve interventies ten gevolg hebben die, omwille van de fragiliteit van het jonge kind, bepalend kunnen zijn voor een heel mensenleven.

5. Onze werkwijze:
Als men integendeel komt tot een wel doordachte evaluatie, gebaseerd op de medewerking van de ouders of de verzorgers, kan men overgaan tot een therapeutische interventie, met medewerking van de zorgverstrekkers van het kind. Op die wijze willen we ook wijzigingen bewerken in de structuren rond het kind en kan een nieuw elan worden gegeven aan de gezins- of leefgroep.
Wij willen komen tot het verkennen van de fundamentele, grondende dimensies van het leven van de baby en het jonge kind, door het te observeren en te evalueren, door de ouders te betrekken bij het verkennen van de sterke punten en de moeilijkheden die de baby ondervindt in zijn fysieke, motorische, emotionele en cognitieve ontwikkeling. Problemen op het vlak van de taalontwikkeling, het aangaan van sociale contacten, en de verhouding tot de overige familieleden. De gesprekken met de ouders zullen ons toelaten ook hun observaties en hun ervaring als ouders in rekening te brengen.
Hierbij zal de anamnese [geschiedenis] worden geconstrueerd van bij de conceptie, gaande over de zwangerschap en de geboorte van het kind. De gesprekken zullen ook toelaten de transgenerationele elementen [die over meerdere generaties lopen] die eventueel mee aan de basis kunnen liggen van de huidige problematiek in kaart te brengen. Een fundamenteel element in deze werkwijze is mede de reconstructie van het besef van ouder te zijn, met daarmee samengaand het verlangen om de verantwoordelijkheid mee te dragen voor de verdere ontwikkeling van hun kind. Daardoor wordt ook aan ‘zwakke of risico’ ouders een nieuwe kans gegeven. Ze leren hun gevoel van eigenwaarde versterken en hun capaciteit tot ouder zijn ontdekken en ontwikkelen. Dit element is van het grootste belang voor de preventie van toekomstige problemen. Daardoor worden de hulpverleners niet meer beschouwd als ‘de zoveelste vreemde die zich komt bemoeien met hun privé-zaken’ maar als een ‘compagnon de route’ bij de opvoeding van hun kind. Vertrouwen, discretie en respect zijn hierbij van het allergrootste belang.
Deze werkwijze houdt een therapeutisch parcours in, dat samen met de ouders en de baby wordt afgelegd, en gebaseerd is op het theoretische denkkader van Serge Lebovici. Daarbij staan de volgende principes centraal:
- het psychisch functioneren van een kind ontplooit zich in de context van een omgeving. “There is no such a thing as a baby” (Winnicot)
- de individuele verschillen van temperament, talenten en aangeboren kwetsbaarheden, spelen een belangrijke rol in de wijze waarop het kind omgaat met de gebeurtenissen en ze leert verwerken.
- de culturele, familiale en transgenerationele context moet duidelijk in rekening worden gebracht om het functioneren en de evolutie van de ontwikkeling van de baby en het kleine kind te begrijpen.

6. Inbedding in de bestaande zorgstructuren:
Er wordt samengewerkt met allen die op een of andere manier bij het gezin betrokken zijn. We denken hierbij aan huisartsen, kinderartsen, kinderpsychiaters en alle zorgverstrekkers. Onze benadering is multidisciplinair.
Daarnaast zullen wij een netwerkgewijze samenwerking en intervisie voorstellen aan alle aanwezige structuren, om zo een eventuele opvolgbegeleiding mogelijk te maken.

 

terug naar boven